
| De Hobo & Fagot |
| Hobo en Fagot Geschiedenis De huidige hobo is in Frankrijk in de 17e eeuw uit de schalmei ontwikkeld. Het woord hobo is afkomstig van het Franse hautbois, wat 'hoog hout' betekent. Deze benaming komt enerzijds voort uit het vrij hoge en indringende geluid dat een hobo kan produceren in vergelijking met andere dubbelrietinstrumenten, en anderzijds uit het feit dat het een houten blaasinstrument is. De fagot heeft zich ontwikkeld uit de dulciaan van de renaissance- en barokperiode en is verwant aan de schalmei en de pommer. In de loop van de tijd is de fagot steeds meer voorzien van kleppen. Algemeen De hobo en althobo worden tot de houtblazers gerekend. De hobo wordt met een dubbelriet aangeblazen. Het dubbelriet wordt gevormd door twee licht gebogen rietbladen die met garen rond een metalen stiftje worden bijeengebonden. Het wordt direct tussen de lippen genomen en door het aanblazen komen beide rietbladen in trilling, en zo ontstaat er een geluidsgolf. Hoewel de hobo gebruik maakt van een dubbelriet, is het instrument historisch geen familielid van de fagot. De hobo bestaat uit een kegelvormig geboorde buis met een licht trechtervormig uiteinde. Langs de buis bevinden zich diverse gaten en verzilverde kleppen. De eerste hobo had deze kleppen nog niet; pas in de 19e eeuw kreeg de hobo het uiterlijk dat hij nu heeft. Vroeger werd de basis van de hobo van hout gemaakt, maar tegenwoordig wordt ook kunststof gebruikt. De fagot is ook een houten blaasinstrument dat wordt bespeeld met een dubbelriet. Het instrument bestaat uit een lange (houten) buis met een licht conische boring. Omwille van de hanteerbaarheid is de buis 'dubbelgevouwen' ("Fagot" betekent in het Frans "bundel" of "takkenbos". De klank van de fagot is uiterst karakteristiek: in de lage tonen enigszins grof en korrelig, in het middenregister gelijkend op die van de hoorn en in de hoogte nadert de toon die van de violoncello, altviool of menselijke tenorstem. Je kunt hobo leren spelen vanaf 8 jaar. Je hebt twee soorten hobo's Hobo Een hobo is een dubbelrietinstrument behorend tot de houten blaasinstrumenten, dat voorkomt als onderdeel van een symfonieorkest. Ook in de bezetting van het harmonieorkest en blazersensembles komt de hobo voor. Alt-Hobo De althobo (Engelse hoorn of cor anglais) is de grotere en lagere uitvoering van de hobo. Hoewel lager van toon is het qua klankkleur en bespeling in feite een lage hobo. De klank van de althobo is weemoedig, soms klagend. Het instrument heeft niets met een hoorn van doen, en het is evenmin Engels. De vroegere modellen in de 18e eeuw (zie jachthobo) waren gebouwd met een knik halverwege. In het Frans heette dit 'corps anglé': gebogen lichaam. De benaming 'Engelse hoorn' is dus een foute vertaling van 'cor anglais', dat vrijwel hetzelfde klinkt als 'corps anglé'. Het woord 'cor' betekent 'hoorn'. |





